3e Zondag van de Advent 2011 Overweging
3e Zondag van de Advent 10 en 11 dec. 2011
De engel,
symbool van de verbinding tussen hemel en aarde,
tussen God en mens,
de engel, brenger van goed nieuws,
vliegend, in beweging,
niet vast te leggen, niet te pakken,
verschijnt nu eens in een droom,
dan weer echt aan mensen,
een engel, stralend,
brenger van licht in donkere dagen.
Engelen komen regelmatig voor in de verhalen van de bijbel. Toch komen we ze in het dagelijks leven niet veel tegen, lijkt het wel. Engelen bestaan niet…net zoals dromen bedrog zijn.
Maar wie zegt dat engelen niet meer bestaan? Misschien heb je dan nog nooit goed rondgekeken, het is een kwestie van zien en willen zien, van anders kijken en méér zien. We gebruiken het woord “engel” namelijk nog wel regelmatig, voor iemand die iets liefs of aardigs heeft gedaan, voor iemand die op een goede en bijzondere manier in het leven staat, voor iemand van wie we houden… En als we die benaming zo makkelijk in de mond nemen, dan moet er toch wel een kern van waarheid in zitten, zou je denken. Engelen zijn meer zoals de mensen op wie God een beroep doet: mensen die de handen uit de mouwen steken, die recht doen en recht spreken, die andere mensen wérkelijk lief hebben.
Engelen vormen een verbinding tussen God en mens en tussen mens en God, tussen de aarde en de hemel. En vaak verschijnen die engelen aan ons mensen in een droom. Heel mooi komt dat naar voren in het bekende verhaal over de droom van Jacob in Bethel. Jacob droomt, dat er een ladder staat tussen aarde en hemel en dat engelen daarlangs klimmen en dalen.
Engelen staan dichter bij God dan de mensen en tegelijk zijn engelen voor mensen tastbaarder dan God. Engelen verbinden God en mens. En ze doen dat op twee manieren.
Je hebt engelen die boodschappers zijn van God. Zo wordt de komst van Jezus aangekondigd door een engel, evenals die van zijn neef Johannes. Na de geboorte van Jezus verschijnt de engel aan Jozef in een droom en waarschuwt om te vluchten naar Egypte om zo Jezus te laten ontkomen aan de kindermoord van Bethlehem. Dromen zijn soms immers openbaringen van God.
Je hebt ook engelen die beschermers zijn van mensen. Daniël overleeft de leeuwenkuil en als de profeet Elia in de woestijn ten einde raad is en niets liever wil dan doodgaan dan is het een engel, die hem tot twee keer toe aanraakt en hem aanspoort op te staan, te eten en verder te leven. Dat doet Elia dan tenslotte ook. Soms zie je meteen dat een engel van God afkomstig is, zoals Maria de engel Gabriël herkent als iemand die van God tot haar gezonden wordt. Soms lijken ze meer gewone mensen en wordt pas later duidelijk dat het engelen zijn, zoals in het bezoek van die drie mannen aan Abraham, die hem komen vertellen, dat Sara, hoe oud ze ook is, toch nog een kind zal krijgen.
Aan de ene kant zijn engelen heel gewoon, ze horen er gewoon bij in de bijbel. Aan de andere kant zijn engelen heel bijzonder.
Misschien kunnen ze in het leven van een mens wel op alle twee die manieren tegelijk present zijn: heel gewoon én heel bijzonder. De beschermengel van een mens is heel gewoon een teken van Gods aandacht voor ieder mens. Maar als je op een wonderlijke manier aan een gevaar bent ontsnapt doordat er een engel in de buurt was, dan is opeens zo’n engel iets heel bijzonders.
De huisarts Moolenburgh kwam in zijn praktijk allerlei mensen tegen, die hem verhalen vertelden over engelen die vaak op wonderlijke manier aanwezig waren geweest in hun leven en hen op een kritiek moment te hulp schoten. Reddende engelen dus of beschermende engelen. Hij heeft daarover een aantal boeken geschreven. Vaak verschenen die engelen in de vorm van medemensen. Soms doken ze op uit het niets en verdwenen ze weer in het niets. Engelen kunnen dus ook gewone mensen zijn. En daarmee komt de engel dicht bij onszelf. Ook u en ik kunnen en mogen soms voor een medemens een engel zijn. En het doet je goed als je zelf in je leven iemand ontmoet die voor jou een engel is. Die zó met jou omgaat, dat daarin Gods aandacht voor jou zichtbaar, tastbaar of merkbaar wordt. Misschien is het uzelf wel eens overkomen....
Deze weken dromen we in onze viering en we denken na over wat wenselijk en goed is voor onszelf en voor onze gemeenschap. Hopelijk ontwikkelen we een “antenne” waardoor we meer open staan voor dromen en engelen, voor boodschappen van God. Terwijl we ondertussen stevig met beide benen op de grond blijven staan.
Petra van Nuenen-Hoffmans
Lid pastoraatsgroep

