Zevende zondag door het jaar ( 19/20 februari 2011) Overweging
Ondersteunende Bijbelteksten: Leviticus 19:1-2, 17-18; 1 Korintiers 3:16-23, Psalm 103 en Evangelie : Matteus 5:38-48.
Beste zusters en broeders die geloven in de woorden uitgesproken door Jezus in de bergrede naar zijn leerlingen toe, waartoe wij ook behoren. Vorige week hebben wij duidelijke en harde woorden gehoord van Jezus. Een sterk drieluik waarbij Jezus zei: Hebben jullie gehoord dat destijds tegen het volk is gezegd: “Pleeg geen moord ..… pleeg geen overspel… en leg geen valse eed af.” Jezus liet duidelijk verstaan: jouw naaste niet liefhebben en hem onverschilligheid betonen kan ook al dodelijk zijn dan wel niet altijd letterlijk lichamelijk maar misschien nog erger onder een geestelijke vorm. Kijken wij even rondom ons heen, dan zien we voortdurend hoe vernietigend en dodelijk onverschilligheid is in oorlogshandelingen, in hongersnood, in het negeren van mensen die in de goot liggen te sterven zonder een barmhartige Samaritaan aan hun zijde. Wie wel een Samaritaan was hoorden wij vorige week van Pastoor Theo te Wierik nl. Jules Chevalier, de stichter van de Congregatie van de Missionarissen van het H. Hart die een stem hoorde: ”De liefde van Mijn Hart is een geneesmiddel tegen alle kwalen”.
Vandaag horen wij van Jezus van Nazareth zo’n gedachte: Wandel in mijn liefde waarbij jij God niet ontvangt in een uitgesproken gebed als we met de andere medemens in onze onmiddellijke omgeving of veraf in onmin mee-leven. Maar wat staat ons dan te doen in ons dagelijks handelen? Hiervoor kunnen wij dan wel bij Jezus te rade gaan en ons opnieuw leren verzoenen met de ander, zodat wij ook weer verzoend worden met God want ik geloof ook in een God die een onvoorwaardelijk barmhartige liefde toont voor al zijn mensen.
En merkwaardig genoeg roept de Bijbel vandaag op, zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament, dat alle gelovige mensen heilig zouden moeten worden om alzo te kunnen wandelen in de liefde van God. Hoe kunnen wij: gedoopte leerlingen vandaag dit voorschrift dan ernstig nemen? Is het dan toch zo dat alle gewone mensen zoals u en ik er naar zouden moeten streven om ooit na hun dood heilig verklaard te worden.?
Paus Johannes Paulus II was de absolute recordhouder inzake zalig- en heiligverklaringen. Men heeft eens uitgerekend dat hij er meer op zijn naam heeft geschreven dan al zijn voorgangers samen. Ik zou voorzichtig kunnen spreken van een economische inflatie van het begrip 'heiligheid'. Of moeten wij heiligheid anders verstaan dan wij gewend zijn ? Ik heb een sterk vermoeden van wel en wil jullie ook geen schuldgevoel aanspreken mochten jullie niet heilig worden verklaard na jullie dood.
In de Bijbel is heiligheid een kwaliteit van levende mensen die alle godsdienstige en in het evangelie alle christelijk levende mensen zouden moeten bezitten. In de eerste tijden van het christendom was het gebruikelijk dat christenen gewoon heiligen werden genoemd. Ik neem een willekeurig voorbeeld: het adres van de brief aan de gemeente van Kolosse. Daar leest men: Paulus, apostel van Jezus Christus, aan de heilige en gelovige broeders (en zusters) in Christus te Kolosse. Dit betekent dus zoveel als: Paulus, aan jullie allemaal.
De eerste lezing die wij gehoord hebben is een stukje uit de befaamde heiligheidswet van het boek Leviticus. Het gehele volk, iedereen die tot het Joodse volk behoort, wordt opgeroepen om heilig te zijn. Waarom is dat nodig? Om de eenvoudige reden dat God heilig is. Volgens het scheppingsverhaal in Genesis waarvan ik elke dag een stukje heb mogen lezen deze week is de mens geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. Als God naar elk uniek mens-en-kind kijkt, moet Hij zijn eigen beeld kunnen zien en Hij laat ons daarin vrij hoe wij dat beeld invullen. Vrij zijn wil zeggen ‘vrij- zijn- voor- de- ander’ ook naar de Ander (met hoofdletter) toe.
Mensen waar ook ter wereld moeten een beeld van God kunnen zien als ze elkaar recht in de ogen kijken. Mensen die zich heilig gedragen worden zichtbaar gemaakt door hun daden hoe God heilig is. Wie en wat God is, tonen mensen aan elkaar als ze de bepalingen van Gods wet in ere houden.
In het evangelie van vandaag wil Jezus het onzichtbare zichtbaar maken door de richtlijnen uit de wet of de Tora uit te leggen en deze wetten te plaatsen tegen de achtergrond van het koninkrijk van God. Voor Jezus volstond het niet enkel en alleen de overgeleverde voorgeschreven wetten na te leven naar hun inhoud. Jezus zegt zelf: Ik ben niet gekomen om Wet (Mozes) en profeten (Elia) af te schaffen, op te heffen, maar om tot vervulling te brengen.
Maar als je dan hoort wat wij moeten doen om deze wetten te vervullen, rijzen jouw en mijn haren ten berge.
Er is ons geleerd dat we onze naasten moeten liefhebben. Dat volstaat niet, verklaarde Jezus. 'Ik zeg jullie: heb je vijanden lief, bid voor wie jullie vervolgen.'
'Heb je naaste lief als jezelf', schrijft de zeer oude heiligheidswet voor. (Leviticus 19,18). Dit staat bekend als de gulden universele regel: de wet van de gelijkheid-waardigheid en de wederkerigheid. Doe aan een ander niet wat je niet wilt dat hij jou aandoet. Bejegen je medemens zoals je verlangt dat hij jou bejegent. Het Matteüsevangelie (7,12) noemt dit het hart van de wet. Maar wil je de wet vervullen zoals Jezus vroeg, dan moet je de wederkerigheid doorbreken. Je moet eenzijdig durven zijn naar woord en daad. Paulus schreef het aan de Romeinen (12,17). Vergeld het kwaad niet met kwaad maar bestrijd het door goed te doen. Leeft voor zover het van u afhangt met alle mensen in vrede. Als je geslagen wordt heb je het recht even hard terug te slaan, maar dat doe je niet. Wat zou de wereld er anders uitzien als wij allen zo zouden leven!
Als wij deze eisen van het evangelie horen klinken deze ongelooflijk, ja onmogelijk veeleisend. Zo veeleisend, zo onmogelijk, dat veel mensen geneigd zijn te reageren: nee, daar is geen beginnen aan! Is daar wel een beginnen aan, als Jezus zegt: "wees volmaakt zoals jullie Vader in de hemel volmaakt is"? Laat mij duidelijk zijn, wij leven nu niet in de hemel maar op aarde en de volmaaktheid is niet van deze wereld. Wil dit zeggen dat alles kan en alles mag? Dan zeg ik neen want niet alles is goed!
Beste zusters en broeders, christenen moeten geen helden zijn. Heldhaftige heiligheid is enkel weggelegd voor zeer uitzonderlijke heiligen. Christenen kunnen niet volmaakt zijn ('onverdeeld goed', aldus de Willibrordbijbel vertaling) zoals God volmaakt is, onverdeeld goed, want wij zijn maar mensen, met alle goede en kwade kanten die mensen eigen zijn. Wij zullen de volmaaktheid niet bereiken zolang wij leven. Wij zijn altijd onderweg. Wij moeten wel ons best doen om op menselijke maat, en dat is altijd op een onvolkomen wijze, aan medemensen te tonen wat Gods volmaaktheid voor hen kan betekenen. Maar weet wel en wees ervan overtuigd dat God onverdeeld barmhartig goed is en nooit zijn onvoorwaardelijke liefde doorbreekt. Daarom mogen wij niet ophouden erom te bidden dat we altijd blijven proberen voor medemensen zo goed als God te zijn. Amen.
Jan Daem

