Let op: opent in een nieuw venster AfdrukkenE-mail

Maria, een trouwe moeder
15 augustus 2011

Zo dadelijk gaan we ons geloof uitspreken met woorden die Ton Baeten, voormalig abt van de Norbertijnen van de Abdij Berne in Heeswijk, enkele jaren geleden heeft geformuleerd. Hij nodigt ons deze avond uit om met hem te zeggen: ‘Ik geloof in een Kerk die haar deuren wijd open zet, waar ieder welkom is en niemand buiten gesloten wordt’.
Wanneer we in ons boekje terugbladeren, dan lezen we aan het begin van deze dienst in het Kerkelijk document ‘Lumen Gentium’ hoe Jezus, hangend aan het kruis, zijn moeder toevertrouwd aan zijn leerlingen en andersom.
Dit laatste betekende méér dan een familieband regelen voordat de dood intrad. Een Kerk die haar deuren wijd open zet en waar iedereen welkom is…waar niemand buiten gesloten wordt!We dromen er over en ook de jonge Kerk droomde hetzelfde maar de christenen van het eerste uur hebben er ook al mee geworsteld want een aantal van hen dacht nog aan een Kerk binnen de Joodse traditie.
Met name Paulus is tijdens het eerste concilie in Jeruzalem opgekomen voor een Wereldkerk waar iedereen welkom is en waar niemand uitgesloten zou worden. Petrus zal uiteindelijk het standpunt van Paulus verdedigen met de woorden: ‘Broeders, u weet dat God mij al in het begin uit uw midden heeft gekozen om de boodschap van het evangelie onder de heidenen te verspreiden en hen tot geloof te brengen…’(Handelingen 15, 7) Tenslotte lezen we dat álle apostelen dit standpunt hebben overgenomen en hebben verkondigd.

Wat heeft dit alles met Maria als een trouwe moeder te maken? Het antwoord is: alles! Want voordat de apostelen de toenmalige wereld introkken en bevestigden dat Jezus opgenomen was in de hemel, wordt melding gemaakt dat ze opnieuw samenkwamen in de bovenzaal, samen met de vrouwen en met Maria, de moeder van Jezus, en met zijn broers. (Handelingen 1, 14)
Hier gebeurde méér dan het samenkomen van een groep mannen en vrouwen die een idool, of zoals we tegenwoordig zeggen, een ‘idol’  adoreren. Hier ontstond een nieuwe beweging van mensen die zouden gaan werken aan een wereld waarin plaats zou zijn voor iedereen die de weg naar God wilde gaan. Ik kan niet aan de indruk ontkomen dan dat de vrouwen van toen veel meer invloed hadden dan ons schriftelijk is overgeleverd. Daarbij moeten we ons westers denken opzij zetten en ons proberen in te leven in de cultuur van toen. Dan vraagt Jezus aan zijn moeder (en indirect ook aan de andere vrouwen) méér dan te zorgen dat de mannen na zijn dood goed te eten en te drinken krijgen en dat hun kleren worden gewassen en gestreken en dat ze een warm thuis krijgen.
Over dit alles wordt niet gesproken. Wél wordt gesproken over het vurig samen bidden en over het samen ontvangen van de Geest van God. Letterlijk staat er: ‘…allen werden vervuld van de heilige Geest en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals hun door de Geest werd ingegeven’.

Het kan bijna niet anders dan dat Maria in dit hele gebeuren een prominente plaats heeft ingenomen. Als geen ander kende zij haar zoon. Als geen ander is zij Hem gevolgd. Zij stond daar langs de kant toen haar zoon voorbij trok, en ze stond later onder het kruis… bijna alleen.
Zij was samen met Hem op vele plaatsen geweest. Samen waren ze op de bruiloft in Kana en ze wist het: mijn Zoon kan wonderen doen en Hij zal ons laten zien dat we allemaal wonderen kunnen doen wanneer we maar willen! We kunnen met z’n allen de beste wijn schenken wanneer ieder van ons zich inzet voor een betere wereld.

Dat begint, op de eerste plaats, niet met regels en voorschriften. Dat begint ook niet met op voorhand mensen uit te sluiten. Het begint wél met jouw kruiken te vullen met water die jij tot de beste wijn kunt maken. Met andere woorden: het begint waar wij het beste in onszelf naar boven laten komen en dat willen delen met anderen….dat we zoveel van dat beste in ons willen delen dat anderen het niet op kunnen…het niet kunnen bevatten…!

Maria bleef, zoals bijna alle moeders, een trouwe moeder. Trouw aan haar zoon. Trouw aan de andere mannen na de dood van haar jongen en die mannen en ongetwijfeld ook de vrouwen, bleven trouw aan haar. Ik denk dat we mogen stellen dat Maria de eerste is die de Kerk van haar Zoon Jezus is gaan vormen.
Ik ben het eens met Carlos Desoete, in de eerste lezing, die schrijft: Maria leeft in elke kleine mens die om het even wordt vergeten en over het hoofd gezien. Zij leeft in elke mens die de hoop wakker houdt dat ook een neergeslagen mens ooit rechtop zal komen. Zij leeft in elke mens die weigert te verlammen in de angst, en durft geloven in dat woord: "vrees niet, met jou wil God iets nieuws beginnen".
Ik wens het ons allen hier van harte toe.

Pastor Th. te Wierik msc